Werk
Rubrieken : Dagelijks
Ik durf het haast niet te schrijven. Nog een uurtje, dan mag ik me weer gaan klaarmaken, om naar mijn werk te gaan. Mijn tanden poetsen, de goede kleding aan, mijn haar goed, en een luchtje op. Klaar om met de fiets en de trein naar die plek te gaan, alwaar ik me mag ontplooien. Ik begeleid andere mensen, die moeite hebben, zich zelfstandig staande te houden, binnen onze maatschappij.
Het is wel eens anders geweest. ‘Alweer naar mijn werk’. Een innerlijk verzet. Een eeuwig durend sleurgevoel. Een opkomende depressie, omdat ik binnen mijn “werk”zaamheden geen doelstelling meer kan zien. Elke dag hetzelfde. Het product waar ik aan bijdraag heeft gevoelsmatig geen ‘goed doel’ in het leven. Althans dat is mijn gedachte. Dat is het gevoel wat ik krijg, bij hetgeen ik doe, en waar ik nog voor betaald word ook. Ik zag ook, hoe destructief die gevoelens voor mij waren. Mijn leven werd erdoor beheerst. Geen doel in mijn werk, is geen doel in mijn leven. Bijna een workaholic-gedachte. Ik moest in die destructiviteit groeien. Ik moest er last van krijgen. Ik moest naar oplossingen zoeken, en kwam er niet uit. En zoals onze les telkens leert in ons leven; ik zocht de oplossing buiten mijzelf. Ik dacht; als ik mijn omgeving in overleg verander, kan ik een goed gevoel overhouden in mijzelf, en vind ik misschien een doel voor mijn werk. Ik voerde het praktisch uit, en het werkte Totdat, zich mijn omgeving weer veranderde (nieuwe collegae), en ik dus me weer ontzettend afhankelijk voelde van anderen, om een goed gevoel te krijgen.
Wanneer kreeg ik nu, dat ene licht doorbrekende moment, zodat ik mezelf kon zeggen…fout Geestje? Ik weet het niet meer. Dat zal voor een ieder verschillend liggen. ‘Ervaren’ is voor mij echter wel het meest bekende ‘medicijn’. Samen met ‘goed luisteren’ naar jezelf en anderen. Leren van jezelf en anderen. Ook als je vindt dat een ander ongelijk heeft, toch voor jezelf de boodschap (lees ervaring) van een ander onthouden. Er is altijd een reden waarom iemand anders iets zegt. Ik weet nog wel, dat ik mezelf dwong, om nu eens een tijd, me invoelend op te gaan stellen ten opzichte van andermans ervaringen en de daarbij behorende gevoelens. Ik vroeg hun om hun mening, en vroeg er ook op door. Ik toonde interesse. Ik gaf geen oordeel in mijn vragen, en zette mezelf ertoe, om dit ook niet te bedenken. Ik zag duidelijk, dat als ik anderen respecteerde in hun ervaringen en hun gevoel, ikzelf daardoor steeg in eigenwaarde. Was dat even vreemd.
Dat wat ik een ander gaf kreeg ik uiteindelijk zelf.
Zonder dat ik nu een lang verhaal wil beschrijven, over eigenwaarde, heb ik nu nog 10 minuten over om me klaar te maken voor mijn werk. Terwijl ik dit dus schrijf, weet ik weer, hoe ik een goede doelstelling binnen mijn werk kan krijgen. Goed naar mijn medemens luisteren. Zijn ervaringen voor waarheid aannemen. Niet oordelen over zijn gevoel. Me ten dienste stellen van een ander. Dan zal ik voelen, dat ik binnen mijn werk een doel kan hebben. Ik verkrijg een ‘goede doelstelling’ hoe saai mijn werk ook zal zijn. Sleur kan binnen deze handleiding niet overleven. Sleur gaat ten onder aan anderen respecteren. Binnen in mijzelf vind ik mijn eigen ‘goede doelstelling’. Mijn eigen reden om binnen die sleur te werken. En ineens is die sleur er niet meer. Zie ik nieuwe invalshoeken. Zie ik resultaat. Zie ik mijn eigen ontplooiing. Mijn eigen zelfverwerkelijking. Wat wil een mens nog meer.
Werken… Werken aan mijzelf.
Tags: depressie, geest, leven, werk

